Twaalf in een dozijn-popliedjes

Een broeierige zomerdag in juli: bikinibabe aan je schouder, surfboard onder je arm en flaneren over een of andere boulevard in Californië. The Elwins schreven hier de soundtrack voor – net zoals vele andere bandjes die zich begeven in wat over het algemeen tot de indierock, indiepop en surfpop wordt gerekend. Op Play For Keeps staan twaalf gelikte, vrolijke, nietszeggende nummers die doen denken aan Two Door Cinema Club en Foster The People.

The Elwins komen uit Canada en begonnen in 2006 als duo muziek te maken op hun middelbare school. Al snel vroegen de jonge honden uit Ontario een toetsenist en bassist ter versterking en vlogen met hun eerste plaat And I Thank You de halve wereld over om hun muziek aan de man te brengen. Met het tweede album is een heuse tournee gemoeid, waar ze nu bijna de héle wereld aandoen – met SXSW in Texas en optredens in Azië als hoogtepunt.

Toch zijn The Elwins op die tour vooral op die plekken te vinden waar hun muziek het beste tot hun recht komt: de zomerfestivals. Biertje in de hand, zonnebril op de kop en genieten maar. De muzikaliteit en de tekst lijken daarbij ondergeschikt aan het grotere doel van de festivalbeleving. Nietszeggende teksten als ”I’m as high as a bubble” en Sexual intellectual” zijn daarbij exemplarisch. Muzikaal stelt het ook allemaal niet zoveel voor: de traditionele couplet-refreinstructuur met hier en daar nog een bridge, domineert. Hoekige riffs, puntige baslijntjes à la Phoenix en gladgestreken synths in overvloed.

Op ‘So Down Low’ na, waar zanger Matthew Sweeny’s gezang doet denken aan een zeurende Julian Cassablancas op elk willekeurig nummer van de Strokes, gebeurt er niets spannends. Waar op And I Thank You nog inventieve en rauwe composities zijn te vinden, is opvolger Play For Keeps een gladgestreken en kapot geproduceerde plaat, bestemd voor een groot commercieel festivalsucces.

Deze recensie verscheen eerder op festivalinfo.nl


Leave a Reply

Your email address will not be published.